De reuzenhaai van Oostende


Dinsdag 12 december 2006 toonde de nieuwssite van de VRT als ‘tip van de dag’ een gefilmd verslag over de triomfantelijke verkoop van een reuzenhaai (Cetorhinus maximus) in de vismijn van Oostende. Ook VTM bracht de reuzenhaai prominent op haar site. Daags voordien zagen alle VRT en VTM nieuwskijkers hetzelfde kadaver over hun televisiescherm passeren. Een joekel van rond de 7 meter en 1160 kilo. Leeftijd: ongeveer 20 jaar oud.

Het eetfestijn van Kerstmis stond voor de deur en dus werd er gauw bij verteld dat het vlees voor 8,50 euro de kilo zou worden verkocht, zij het exclusief aan restauranthouders. En dus at in de dagen die volgden menige Belg zijn portie van een wild dier dat steeds stringenter door allerlei internationale wetgevingen wordt beschermd.

De ‘apekalle’ (volksnaam voor de reuzenhaai) was aan de westkust van Engeland, in het Kanaal van Wales, door de bemanning van de O-231 gevangen. De reuzenhaai is sinds 1981 een beschermde diersoort in Britse wateren maar legale beroepsvissers die hem ongewild meevangen kunnen niet worden bekeurd. Dat is pech voor de haai want het zijn uitgerekend zeevissers die de soort veel leed en schade berokkenen.

Toch bleef het gênant om vast te stellen dat een beschermde diersoort open en bloot kon worden geveild, geshowd en met sauzen overgoten.

Ik ben toen gaan snuffelen en mailen en kreeg bevestiging van mijn vermoeden. De betrokken vissers en vismijn van Oostende brachten de reuzenhaai illegaal op de markt… Volgens een verordening van de Europese Commissie (nr. 51/2006 van 22 december 2005, artikel 8) bestaat er een ‘zero catch limit’ voor de soort - met andere woorden een quotum 0 - in de viswateren rond de Britse eilanden. Elke gevangen reuzenhaai moét weer overboord worden gezet, ongeacht of hij leeft (liefst) of niet. Verkoop aan land door ‘EU vessels’ is strikt verboden.

De vismijn van Oostende en het bevoegde landbouwministerie schoten kennelijk een kemel. Mogelijk uit onoplettendheid en/of routine want reuzenhaaien die in Belgische sleepnetten verstrikten zijn altijd met groot ceremonieel langs de krantenkolommen gepasseerd (zie één voorbeeld uit Het Volk van 28 maart 1998).

De media gaan bij de recentste reuzenhaai niet vrijuit. Geen enkel persmedium stelde zich de vraag of de verkoop van de reuzenhaai anno 2006 wel wettelijk - om van het ethische aspect nog maar te zwijgen - koosjer was. Maken tips van de week een beetje tipsy?

Haaien staan wereldwijd onder druk en dat is voor de reuzenhaai niet anders. Gegevens over (reuzen)haaien liggen te grabbel op www.baskingsharks.co.uk of op www.sharktrust.org. November 2005 vroeg de Conventie van Bonn uitdrukkelijk om de volledige bescherming van de reuzenhaai, de grootste vissoort die in de Europese wateren rondzwemt.

Overigens is het de braafste haai die men kan tegenkomen want hij teert op plankton dat hij met de zeefjes in zijn muil samen harkt. ’s Zomers liggen ze dikwijls te ‘zonnen’ aan het wateroppervlak. Walvisspotters gaan door hun dak als ze zoiets zien. De dieren kunnen 11 meter groot worden en houden een soort van winterslaap op de bodem van de zee (waar ze door sleepnetten bruusk kunnen worden verrast). Voor die periode van lethargie stoten ze zelfs hun kieuwzeef af. Ze baren hun jongen levend, borelingen die met de klap anderhalve meter lang zijn.

Over de wijze waarop het Belgische zeevisserijbedrijf met de grote(re) haaien omsprong schreef ik ooit het stukje ‘De voshaai van Gent’ dat in ‘Klein Belgisch Bestiarium’ (zie Boeken) is opgenomen.  Het eindigde als volgt:

Toen het mes in de buik van de haai werd gezet, kwamen vier, ongeveer één meter lange haaitjes tevoorschijn. Hun gewicht schommelde tussen de zeven en negen kilo. Dus dààrom werd de haai vlak onder de kust gevangen; het moederdier zocht warm water om haar jongen te werpen. ‘Waarschijnlijk zijn de haaitjes eetbaar, net als melklammetjes,’ glorieerde de zeevruchtspecialist.

Pocheren is zo te zien het enige waar een voshaai dient van verschoond te blijven. Er is geen wet of erecode die vissers er toe moet bewegen zeldzame zeevissen het leven te sparen. Waar zitten de echte haaien dan wel? Boven of onder de zeespiegel?”

Er zijn wel degelijk vissers die zeldzame of merkwaardige zeedieren uit hun netten redden. Sea Life Centre (in Blankenberge) krijgt zulke ‘gelukzakken’ vaak toegespeeld en puurt er gaarne media-aandacht uit.

De reuzenhaai had minder ‘geluk’. Na de krantenkoppen in 1988 rond de onfortuinlijke voshaai (Alopias vulpinus), stijl ‘Haai aan de haak’ en ‘Oostendse vissers vangen voshaai: “Nog nooit zo’n grote gezien”’, sorteerde het heengaan anno 2006 van de (andermaal) ‘Oostendse’ reuzenhaai één brok déjà vu. Apekallen der zeeën, hoedt u voor rekruten uit de koningin der badsteden!


(© Jan Desmet, 15 januari 2007)


naar boven

 
 Haai met reuzepech


Zeebrugse visveiling veilt haai van 2 ton’. Toen dit bericht via het persbureau Belga in de vroege namiddag van 7 augustus 2007 op de krantensites verscheen, ging op enkele plaatsen het alarm af. Eerder signaleerde ik de illegale verkoop van een reuzenhaai (Cetorhinus maximus) op Belgische bodem (zie deze rubriek Opinie: ‘De reuzenhaai van Oostende’) en het had er alle schijn van dat deze onverkwikkelijke historie zich binnen het etmaal dreigde te herhalen.

Voor de algemeen directeur van de visveiling was er geen vuiltje aan de lucht: “Op dit moment is het vaartuig op weg naar zijn thuishaven in Zeebrugge. Daar zal de haai rond middernacht aankomen en dan gaat hij naar de veiling. Dan zullen we ook kunnen vaststellen om welk soort haai het gaat en hoe oud hij is.” Het had iets van de stoomboot van Sinterklaas die, ditmaal uit de Keltische Zee, met een grote schat in aantocht was. Om de spanning op te drijven voegde de directeur er aan toe dat hij in zijn ‘20-jarige carrière’ nooit had meegemaakt dat ‘een haai van zes meter lang en ongeveer twee ton geveild wordt’, waarmee hij de reuzenhaai ‘van 6,5 meter’ die op 27 maart 1998 te Zeebrugge is geveild, vergeten leek. De veilinggegevens met de volledige lading/buit van de Z-18 Soetkin (bouwjaar: 2000; lengte bijna 38 meter ) stonden intussen op de website van de visveiling (waar de anonieme ‘haai’ in kwestie op 1500 kilo werd geraamd, Belga kreeg dus 500 kilo extra doorgeseind).


Stilleven te Zeebrugge, 7 augustus 2007

De Z-18 vaarde kennelijk een paar knopen harder dan voorzien want diezelfde avond rond 20.00 uur lag ‘de haai’ reeds op de kade naast de visveiling. De opgetrommelde perslui namen akte van het viswonder dat was geschied en een paar uur later zat de dode reuzenhaai in het laatavondjournaal van de VRT. Volgens de nieuwslezer leefde zo’n haai gewoonlijk honderd meter onder de zeespiegel en was hij gevangen door - pech voor hem - ‘loodrecht naar boven te zwemmen om er plankton te vangen’. Kennelijk hadden de VRT-journalisten de haai nog gauw een diepte-interview kunnen afnemen… 

De Zeebrugse visafslag gloeit van ambitie (‘Zeebrugse Visveiling wil binnen Europese top tien’, De Standaard 20 februari 2007) maar het geplande haaienfeestje werd ze in extremis door de neus geboord. Het alarm bereikte tijdig de bevoegde viscontroleurs van Landbouw en die belden de visdirecteur met de boodschap dat de reuzenhaai wegens beschermd niet mocht worden geveild. Reuzepech! En reuzegodvers. Het was een lelijke streep door de rekening én het prestige van dit dappere vissersvolk, dus fleemden ze bij de overheidsambtenaar om toch maar hun eer én haaienveiling te redden. Het compromis: een ‘verkoop voor het goede doel’. Een wetsovertreding onder de mantel der liefdadigheid! Wie het boek ‘Beet! Over het leegroven van de wereldzeeën’ van G. Bruce Knecht heeft gelezen (zie deze site, rubriek Recensies) weet dat hij van broodvissers de gekste smoezen en duisterste praktijken mag verwachten. Uiteindelijk ging hun doorzichtige vlieger niet op en werd de reuzenhaai, zoals de Europese regelgeving voorschrijft, officieel in beslag genomen (hij mocht zelfs niet eens worden aangeland, waardoor de zaak allicht een juridische staart krijgt).

De dag erna, woensdag 8 augustus 2007 - de vissers glorieerden en bloc als ouderwetse trofeejagers op de cover van Het Volk (‘Reuzenhaai in de netten’, zie afbeelding) -, maakten de media wereldkundig dat er naast vogelbescherming ook zoiets als visbescherming bestond (‘Reuzenhaai van zeven meter mag niet verkocht worden’, Het Nieuwsblad). De

reportageverslagen in de middag- en avondjournaals van de tv-zenders bevatten memorabele passages. Eén van de vissers van de Z-18 had intussen vernomen om welke haaiensoort het ging en vertolkte voor de micro zijn pas verworven deskundigheid: “De reuzenhaai is een planktoneter. Ik had net wortelen gekuist en het afval overboord gegooid. Ik denk dat hij daardoor in de netten is terecht gekomen.” Stuur dat naar een jachtexamen!

Het alarm had ook een medewerkster van de Shark Alliance, een koepelorganisatie die zich het lot van de haaien aantrekt (www.sharkalliance.org), bereikt. Zij reisde halsoverkop vanuit haar kantoor in Brussel naar Zeebrugge. De dame deed haar werk – spijts de vijandige blikken uit de vismijn - voortreffelijk maar had voor de camera beter niet verteld dat in het Verre Oosten voor de grote rugvin van een reuzenhaai tot 10.000 euro wordt neergeteld. Achter haar lagen de intussen verhakkelde resten (een expert had stalen van het kadaver mogen nemen), van de haai, inclusief zijn lucratieve vinnen. Volgens de veilingdirecteur ging de haai verder ‘gedenatureerd’ worden. Samen met het andere visafval zouden zijn stoffelijke resten tot veevoeder worden verwerkt. Waarop de haai via de varkens alsnog de menselijke voedselketen ging bereiken. Of er in de varkenstroggen een zweem van haaienvinnensoep is beland? Alleen de betere detective die daar een antwoord op weet.

De manier waarop de mensheid onder het haaienbestand van de wereldzeeën tekeer gaat vertoont alle gelijkenissen met de wijze waarop de pioniers van Noord-Amerika met de bizon of de trekduif omsprongen. Jaarlijks worden miljoenen haaien de vinnen afgesneden en weer overboord gesmeten. De raming ligt tussen de 26 à 73 miljoen haaien per jaar (‘Steeds meer haaien in de soep’, De Standaard 27 oktober 2006). De business die er achter steekt is brutaal en poenig (‘Vinnige vissers blijken gehaaide stropers’, De Morgen, 8 augustus 2002). Soorten als de hamerhaai (Sphyrna zygaena) en de voshaai (Alopias vulpes) gingen sinds 1985 wereldwijd met 80 à 90 procent achteruit. Ook reuzenhaaien zijn lange jaren, onder meer vanuit Ierland, keihard bevist voor de olie in hun levers. Canada financierde rond 1970 zelfs een programma om de reuzenhaai uit te roeien omdat men (verkeerdelijk) dacht dat hij schadelijk was voor de zalmvangst.


Tien jaar vóór Zeebrugge: haaien under attack (Time 11 augustus 1997)

Het besef van deze desastreuze dierenverspilling (‘De haaien gaan naar de haaien’, De Morgen 12 juni 2006) is na 1990 tot het brede publiek (‘Alarmerende haaienstand’, De Telegraaf 6 augustus 2002; ‘Haaienpopulatie Atlantische Oceaan gehalveerd’, De Standaard 18 januari 2003) en de wetgevers (‘Zuid-Afrika verbiedt jacht op witte haai’, NRC 11 april 1991; ‘Australië wil haaien beschermen tegen barbaarse Japanse vissers’, Het Nieuwsblad 31 juli 1991) aan het doordringen. Steeds meer landen beschermen de door de film Jaws gestigmatiseerde grote witte haai oftewel mensenhaai (Carcharodon carcharias), mede doordat de auteur achter Jaws, Peter Benchley (1940-2006, www.peterbenchley.com) publiekelijk spijt betuigde over de nare gevolgen van zijn boek en de film voor de reputatie van de haaien. The Sunday Times had het op 8 augustus 1999 beeldend over ‘Jaws author eats his words to save “misunderstood” sharks’ (van de ruim 350 haaiensoorten zijn er 12 min of meer voor mensen gevaarlijk).

Ook bij de vaudeville met de Zeebrugse reuzenhaai – een voor mensen vredelievende soort – was de collaterale schade van Jaws weer merkbaar. Op de site van Het Laatste Nieuws werd het eerste bericht over de in aantocht zijnde haai van 2000 kilo geïllustreerd met de archieffoto van een met vervaarlijke tanden uitgeruste haai(enkop).

Hoezeer de media watertanden van dit soort haaiensensatie is in de loop van 2007 tweemaal geïllustreerd door het gemak waarmee grappenmakers de pers in de maling namen. De ‘haai’ die maart-april zogenaamd nabij een Zuid-Hollands dorp in de IJssel rondzwom (‘Zondag klopjacht op haai bij Moordrecht’, De Telegraaf 5 april 2007) bleek een goed georkestreerde farce en de haaienhype die ’s zomers de Britse media wekenlang in overdrive bracht – voor de kust van Cornwall zou een witte haai zijn gefilmd (‘Groot-Brittannië in de ban van Jaws’, De Morgen 30 juli 2007) – werd op 8 augustus eveneens als ‘een smakeloze grap’ ontmaskerd. Een ‘portier’ van een discotheek had na een duikvakantie in Zuid-Afrika voor de lol enkele van zijn haaienbeelden naar een lokale krant doorgestuurd, wat ontaardde in een horrorstory die tot de nationale en wereldmedia doordrong. Haaien zijn hot mediavoer en daar zullen ze ook in de Zeebrugse vismijn een graantje van hebben willen meepikken… Op de site van De Standaard was het bericht ‘Reuzenhaai van 2.000 kilogram wordt vernietigd’ alvast het tweede meest gelezen nieuwsbericht op 8 augustus 2007.

Dat er bij het publiek toch een kentering in de geesten bezig is bleek uit het forum van Het Laatste Nieuws waarop lezers hun mening over de Zeebrugse haaienkwestie konden luchten. Los van het hoog gehalte aan toogpraat op dergelijke fora komt men er af en toe zinnige uitspraken of aardige trends in tegen. Dit keer was opvallend hoeveel mensen voor de reuzenhaai partij kozen. Dat kwam vooral doordat de schipper van de Z-18 langs zijn neus aan de pers had verteld dat de doodstrijd van de haai vier à vijf uren had geduurd (of dit in werkelijkheid zo was doet er nu even niet toe). Van een ruime meerderheid van de internetreacties kregen de vissers hiervoor de volle laag. Het woord ‘schandalig’ eiste zijn rechten op. Iemand uit M. foeterde: “Maar ja, ’t is interessanter om met hun kop in het nieuws te komen en een dier 5 uur een helse doodstrijd te laten ondergaan, dan het dier terug in zee te duwen.” Een man uit R. gewaagde van een ‘rechtsgeding aanspannen tegen de visser wegens dierenmishandeling’. Een persoon uit D. was belust op wraak: “Waarom moest dit dier sterven? En als het dan toch moest sterven, waarom een doodstrijd van 4 à 5 uur? Voor mijn part mogen ze dien visser zijn kopke lang genoeg onder water houden, zodat zijn doodstrijd ook 4 à 5 uur duurt. Lang genoeg om eens te bezinnen. Shame.” Een vrouw die partij koos voor de bemanning - ‘mijn man is ook visser’ – hengelde naar begrip: “Probeer jij maar eens een haai van 2 ton terug in zee te doen zonder zelf voedsel te worden door de haai.” Ze zag over het hoofd dat de haaiensoort in kwestie niet tot de vleeseters behoort. De betrokken vissers wezen de kritiek bij voorbaat van de hand. Om te beginnen had een van hen ‘een flinke klap van de staart’ gekregen en daarna was het ‘onmogelijk’ om het dier ‘weer overboord te gooien’. Dat andere collega’s daar wél toe in staat waren, schenen ze niet te weten. De vissersboot Z 571 Custos Deus ving eind april 2006 in het Bristol Kanaal een zeven meter lange reuzenhaai en liet het dier ‘na het opmeten’ weer zwemmen, ook al gaf het ‘grote klappen met zijn staart’. Zelfs de inbeslagname van de reuzenhaai te Zeebrugge was geen Europese primeur. De L 757 Aaltje Postma die begin februari 2007 voor de kust van Denemarken een reuzenhaai van 2300 kilo en 7,7 meter bovenhaalde zag de verkoop van zijn vangst eveneens door de Deense visserij inspectie tegengehouden.

Wat de bruine beren, otters, wolven, arenden of gieren voor het landfauna zijn, zijn de haaien voor het mariene milieu. Het staat chic om in het parlement uit te halen tegen het Canadese zeehondengeknuppel terwijl Belgische vissersschuiten vrolijk meedraaien in een van de ergste faunaontwrichtingen uit de moderne geschiedenis. België zou net zo goed het voortouw kunnen nemen in het verbieden van alle haaienvangst in de eigen territoriale wateren en/of door vissersschepen die onder Belgische vlag de zeeën afschuimen.


Stilleven met haringhaai, Brugge februari 2004

Bij hoge uitzondering zou de vangst van een kleinere, commerciële en kennelijk niet bedreigde soort als de hondshaai (Scyliorhinus canicula) – ‘Hondshaai uitgeroepen tot Vis van het Jaar’, Het Laatste Nieuws, 22 februari 2000 - kunnen voortduren (de bewuste Z-18 had diezelfde dag anderhalve ton hondshaaitjes aan boord). De hondshaai (meestal 60- 80 cm . lang en 5 à 10 kilo zwaar) blijkt een taaie soort – ze kunnen een uur op dek liggen en dat overleven - die de visserijdruk goed doorstaat. Van bijna alle andere haaien is de achteruitgang duidelijk gerelateerd aan de intensieve visserij. De doorn- of speerhaai (Squalus acanthias), tot voor een paar decennia de algemeenste haai (maximale lengte 1,2 meter ) in de Noordzee nam vermoedelijk met 95 procent af! Dat komt doordat bijna alle haaien zich traag voortplanten. Het duurt meestal een paar jaar voor ze geslachtsrijp zijn (de reuzenhaai doet er 6 à 7 jaar over) en ze krijgen jaarlijks maar een handvol nakomelingen (bij de doornhaai 4 tot 6 jongen per keer, jeugdsterfte niét meegerekend). Helaas gaan haaien altijd het slachtoffer blijven van onbedoelde bijvangsten. Veel haaien die men terugwerpt zijn op sterven na dood of zijn te verzwakt om hun vangstavontuur te overleven. Daarom pleiten specialisten voor een drastische inkrimping van de plaatsen waar mag worden gevist. Het zal de visserij niet als muziek in de oren klinken maar het lijkt de enige juiste maatregel om de haaien (en tal van andere zeedieren) meer zuurstof voor de toekomst te geven.

Sommigen vonden het ‘belachelijk’ dat het vlees van de Zeebrugse reuzenhaai in de destructie ging. Maar daarmee was alvast de boodschap loepzuiver overgebracht: géén reuzenhaai meer in de vismijnen. Géén commercie meer met deze bijzondere vissoort ‘om te vermijden dat er een handel ontstaat in “per ongeluk” gevangen reuzenhaaien’. En om zeevissers er toe aan te zetten om de exemplaren die ongewild in hun netten verzeilen, zo ze nog leven, onverwijld  weer los te laten. Bovendien is de reuzenhaai een soort die heel vaak aan het wateroppervlak zwemt, wat zijn bijnaam ‘zonnebaderhaai’ meer begrijpelijk maakt. De Z-18 Soetkin trok een sleepnet dat ‘tot 120 meter open kan staan’. Nu het de vissers stilaan zal dagen dat ze nul moeite hoeven te doen om dit basking buitenkansje te grijpen, kan dit mogelijk weer enkele reuzenhaaien extra het leven sparen.


Stilleven met zandhaai................................ Stilleven met haringhaai
De Panne mei 2002..................................... Oostakker oktober 2003

Maar het allermooist, naast de sluiting van sommige gevoelige visgronden, zou natuurlijk een totale bescherming van alle grotere Noordzeehaaien kunnen zijn (want ook sportvissers eisen hun part op), waaronder soorten als de voshaai, de haringhaai (Lamna nasus), de gevlekte gladde haai (Mustelus asterias) en de zandhaai (Mustelus mustelus). De tijd is aangebroken om deze binken niet langer in de visafdeling van een Carrefour of vishandel Zeezot op een bedje van ijs te kijk te zetten (‘Haringhaai topper van de dag’, Het Nieuwsblad 5 februari 2004; zie andere voorbeelden hierboven). Hopelijk vormde de Zeebrugse reuzenhaai het begin van deze bewustwording. De knuppel mag in het haaienhok.

(© Jan Desmet, 12 augustus 2007)
Reacties welkom via jan.desmet@telenet.be

naar boven

home site Jan Desmet